top of page
Michelle van der Zee Biodynamische Psychologie

Updates

Onzekerheid

  • 2 uur geleden
  • 5 minuten om te lezen

De schoonheid van onzekerheid

We zijn geneigd te denken dat helderheid iets is om naar toe te werken. Dat je uiteindelijk moet weten wat je wilt, waar je grens ligt, wat de juiste keuze is en wat je werkelijk voelt. Maar misschien is dat niet altijd de meest volwassen plek om vanuit te leven.


Er is een vorm van onzekerheid die helemaal niet zwak is. Een niet-weten waarin verschillende mogelijkheden naast elkaar mogen bestaan, zonder dat je jezelf onmiddellijk hoeft vast te leggen. Je kunt ergens naar verlangen en tegelijkertijd iets anders voelen. Je kunt ergens van overtuigd zijn en toch ruimte houden voor twijfel. Je kunt voelen dat iets niet klopt, zonder meteen te weten wat er dan wél klopt.


Dat vraagt iets van ons: niet om de onzekerheid weg te nemen, maar om ermee in contact te blijven.

Wanneer we werkelijk aanwezig kunnen zijn bij wat er in ons leeft, hoeft twijfel niet meteen opgelost te worden. Ze kan informatie bevatten. Soms brengt ze iets aan het licht wat nog niet voldoende gevoeld, gezien of doorleefd is. Soms laat ze zien dat er meerdere waarden, behoeften of verlangens tegelijk actief zijn.


Dan is nuance geen gebrek aan duidelijkheid. Het is een vorm van onderscheidingsvermogen.


Wanneer nuance iets anders wordt

Maar er is ook een andere kant. We kunnen zo goed worden in het zien van alle kanten, dat er van binnen steeds meer beweging ontstaat en steeds minder houvast. Alles wordt een mogelijkheid, iedere keuze krijgt een kanttekening en iedere grens wordt opnieuw onderzocht.


Dan kan nuance ongemerkt iets anders worden. We blijven twijfelen, niet omdat we werkelijk in contact zijn met wat er leeft, maar omdat we nergens meer helemaal kunnen landen. We voelen van alles, denken erover na, zien steeds nieuwe perspectieven en bewegen voortdurend mee met wat zich aandient.


Er is veel beweging, maar weinig richting.


Dat hoeft niet bewust te gebeuren. Soms ontbreekt er simpelweg een gezonde begrenzing: het vermogen om ergens bij te blijven, een verschil te maken, een keuze te dragen of te zeggen: dit is wat ik nu ervaar en hier sta ik. Ook dat is onderdeel van onderscheidingsvermogen.


Want volwassen worden betekent niet dat je steeds meer nuances moet kunnen verdragen. Het betekent ook dat je kunt voelen wanneer er genoeg is waargenomen en er iets in jou mag landen.


Wanneer we onszelf opdelen

Er is nog een andere manier waarop we van onszelf verwijderd kunnen raken. We kunnen onzekerheid voelen, maar er niet werkelijk mee in contact zijn. We kunnen bang zijn voor wat we voelen en het daarom wegduwen, ontkennen of verbergen. We kunnen weerstand opbouwen tegen een verlangen, een grens, boosheid, verdriet of afhankelijkheid. We kunnen onszelf bekritiseren omdat we iets voelen wat we liever niet zouden voelen.


Dan ontstaat er gemakkelijk een taal waarin we onszelf gaan opdelen. Een deel van mij wil dit, maar een ander deel wil dat. Het kind in mij is bang, maar ik ben dat niet. Een deel van mij is boos, terwijl ik eigenlijk heel rustig ben. Alsof sommige delen van ons wel bij ons horen en andere niet.

Die taal kan soms behulpzaam zijn om iets beter te leren onderscheiden. Maar ze kan ook iets verhullen. Namelijk dat we onszelf steeds verder opdelen in stukken die we wel en niet willen erkennen.


En wat we afsplitsen, verdwijnt niet. Het blijft ergens in ons aanwezig. Soms als spanning. Soms als gedrag dat we niet begrijpen. Soms als een lichamelijke reactie die niet lijkt te passen bij wat we bewust denken of willen. Soms als een terugkerend patroon waarvan we rationeel allang begrijpen dat het niet meer nodig is.


Dan ontbreekt niet zozeer het inzicht. Er ontbreekt verbinding.


Belichaming is niet hetzelfde als alles voelen

Belichaming betekent niet dat je iedere impuls moet volgen of ieder gevoel als waarheid moet aannemen. Het betekent ook niet dat alles wat in je leeft evenveel ruimte of gewicht moet krijgen.

Het betekent dat je jezelf niet hoeft te verlaten om met jezelf te kunnen zijn. Je kunt bang zijn en weten dat je volwassen bent. Je kunt verlangen naar nabijheid en tegelijkertijd je grens voelen. Je kunt boosheid ervaren zonder ernaar te handelen. Je kunt onzeker zijn en toch een keuze maken.

Niet door één deel van jezelf tot de waarheid te verklaren en de rest buiten te sluiten, maar door aanwezig te blijven bij wat er werkelijk in jou gebeurt.


Dat vraagt een ander soort aandacht. Niet: welk deel van mij heeft gelijk? Maar: wat gebeurt er nu in mij? Wat voel ik? Wat merk ik in mijn lichaam? Wat gebeurt er wanneer ik dit gevoel niet wegduw, maar er even bij blijf? Wat verandert er wanneer ik niet meteen hoef te weten wat het betekent?


Daar kan iets samenkomen wat eerder los van elkaar leek te staan.


Van fragmentatie naar heelheid

Misschien is dat wel een van de subtielere vormen van zelfverlating: jezelf alleen kunnen verdragen wanneer je bepaalde delen van jezelf buiten beeld houdt.


Wanneer je alleen sterk mag zijn als je je kwetsbaarheid niet voelt. Wanneer je alleen liefdevol mag zijn als je je boosheid niet erkent. Wanneer je alleen autonoom mag zijn als je niet hoeft toe te geven dat je iemand nodig hebt. Wanneer je alleen zeker mag zijn als je twijfel geen plek krijgt.

Zo kunnen we een beeld van onszelf in stand houden dat van buitenaf behoorlijk coherent lijkt, terwijl er van binnen steeds meer afstand ontstaat tussen wat we ervaren en wat we bereid zijn te erkennen.


Belichaming beweegt de andere kant op. Niet naar een staat waarin alles helder, rustig en opgelost is, maar naar meer innerlijke ruimte om aanwezig te blijven bij wat er werkelijk is. Ook als het tegenstrijdig is. Ook als het ongemakkelijk is. Ook als je nog niet weet wat je ermee moet.


De schoonheid van onzekerheid

Misschien hoeven we onzekerheid daarom niet zo snel te zien als iets waar we vanaf moeten.

Er zit schoonheid in het niet weten wanneer we werkelijk aanwezig blijven bij wat zich aandient. In de ruimte tussen een impuls en een keuze. In het moment waarin je nog niet hoeft te bepalen wat iets betekent. In het vermogen om meerdere mogelijkheden te voelen zonder jezelf daarin kwijt te raken.


Onzekerheid kan dan een open ruimte zijn. Een plek waarin iets nieuws zichtbaar kan worden.

Maar die ruimte vraagt ook begrenzing. Zonder begrenzing wordt openheid grenzeloos. Zonder contact wordt nuance verwarring. Zonder belichaming wordt reflectie eindeloos.


Misschien vraagt volwassen onderscheidingsvermogen daarom om beide: de ruimte om niet meteen te weten én de stevigheid om uiteindelijk te kunnen landen. De bereidheid om meerdere werkelijkheden te ontmoeten én het vermogen om te voelen: dit is wat er nu in mij leeft.

Niet om het meteen op te lossen. Niet om het goed of fout te maken. Maar om er niet langer van weg te hoeven.


Want misschien begint een meer belichaamd leven niet wanneer we eindelijk weten wie we zijn. Misschien begint het wanneer we onszelf steeds minder hoeven op te delen om met onszelf te kunnen zijn.


 

Opmerkingen


bottom of page